Leuke pauzeplekjes
Marijn is gisteravond in zijn bugshirt nog op zoek gegaan naar de Loon, maar die liet zich niet meer zien. Wel een mooie visarend. Toen we 's avonds in bed lagen hoorden we de Loon weer.
Vandaag hebben we een kleine 200 kilometer van de Chilcotin-Bella Coola highway gereden. De natuur was mooi en afwisselend en op de diverse pauzeplekjes zag Marijn steeds weer andere bloemetjes. Vooral de lunchpauze bij Pinto Lake was prachtig. Het lichtgroene ondiepe water nodigde uit om te gaan zwemmen, maar na de eerste stappen dwarrelde er zoveel zand op, dat we het gelaten hebben bij verkoelend pootje baden.

Terwijl we rustig reden en continu links en rechts keken of wild konden zien (er is hier zo weinig verkeer dat je daar alle gelegenheid voor hebt) zag Inge ineens een eland met kalf. Snel de camper gekeerd en teruggereden. Moeder eland en haar kalf zagen we nog net in de bosjes verdwijnen.
Er moet hier heel veel wild zitten, maar de kans dat je ziet is niet zo groot. De kunst is om de tijd te nemen en goed te kijken. Maar het gebeurt ons regelmatig dat het bij nader inzien toch een steen of boomstronk is.
We werden ook nog een keer opgehouden door twee koeien die meenden dat ze hun kalveren midden op de straat moesten voeden.
Eind van de middag kwamen we aan in Bull Canyon Provincial Park. Er is een leuk campinkje, maar er is maar één klein wandelingetje te doen en die was afgesloten. Tenminste, er stond een bord met 'Closed due to hazardous trees'. Natuurlijk wilden wij die gevaarlijke bomen wel eens zien. Bleek dat er een bosbrandje was geweest, waardoor de bomen dood zijn en gemakkelijker om zouden kunnen vallen of afbreken. Maar de kans dat ze dat spontaan zouden doen, achtten we niet zo groot. Hadden we toch nog ons wandelingetje gemaakt.

Op de campingplek is het trouwens wel erg leuk. Er zitten hier enorm veel vogels. Continu hoor je er wel aan paar fluiten en veel laten zich ook zien.
Rond 21.30 uur stond er ineens een zwart vosje naast onze camper. Hij huppelde hier vrolijk rond, maar schoot snel weg toen Marijn hem op de foto wilde zetten. Op een afstandje bleef hij nog even zitten kijken en toen bleek dat ze met z'n tweeën waren. Er zat ook nog een rood vosje, maar die liet zich nauwelijks zien.

Beren en muggen
Het deel van highway 20 dat door het Tweedsmuir Provincial Park loopt is een prachtige weg. 60 Kilometer daarvan is onverhard, maar prima te berijden. Dat je daar niet al te hard kunt rijden geeft je tevens te gelegenheid om te genieten van de omgeving. Voor de vergezichten met besneeuwde bergen zou je de weg eigenlijk andersom moeten rijden, maar desondanks verveelden we ons geen moment. Bij een pauzeplekje op Heckman Pass hebben we dan ook alle tijd genomen en een kampvuurtje gemaakt.
Jammer was wel dat recent een forse bosbrand heeft gewoed, waardoor grote stukken bos er verkoold bij stonden. Er was nog nauwelijks nieuwe ondergroei aanwezig.
We waren net 10 minuten weer op weg, toen we een zwarte beer naast de weg zagen grazen. We stopten zo'n 30 meter voor de beer en waren benieuwd wat hij ging doen. Onverstoord ging hij verder, stak de weg over en kwam langzaam onze kant uit. Uiteindelijk stond hij op minder dan 10 meter aan de andere kant van de weg, vol in beeld.

Toen we even opkeken stond er op de plek waar we de beer het eerst zagen een tweede zwarte beer. Ongetwijfeld hoorden ze bij elkaar. Deze was een stuk alerter en keek regelmatig op. Ook hij (of zij?) stak de weg over, maar verdween daarna in het bos. De eerste beer liep nog steeds naast de weg te struinen, inmiddels al ver voorbij onze camper. We hebben een kleine drie kwartier naar de beren staan kijken. De dag kon niet meer stuk.

Onderweg zagen we een bordje met een verrekijker langs de weg staan, ten teken dat er een wildlife viewing plek moest zijn. Anderhalve kilometer een zijweggetje in, was inderdaad een trailhead. Marijn stapte alvast uit om een bloemetje op de foto te zetten, maar kwam snel weer terug. Het stikte namelijk van de muggen. We hebben ons dus allemaal in onze bugshirts gehesen en zijn op pad gegaan in de veronderstelling dat we binnen 5 minuten bij het uitkijkpunt aan het meer zouden zijn. Een half uur later kwam weliswaar het meer in zicht, maar geen uitkijkplek en geen wildlife. We hebben het daar maar bij gelaten en zijn omgedraaid.

In de buurt van Nimpo Lake vonden we een leuk plekje om de camper neer te zetten. Het enige probleem was dat het letterlijk zwart zag van de muggen. Alleen al op de hordeur van de camper zaten naar schatting zo'n 150 muggen. En op de een of andere manier wisten ze door allerlei gaten en kieren langs alle horretjes toch nog binnen te komen. In de camper hebben we er ook nog enkele tientallen geëlektrocuteerd.
Begin van de avond hoorde we een Loon met z'n opvallende roep. Misschien moeten we de bugshirts toch nog maar een keer aandoen, de muggen trotseren en op zoek gaan naar de Loon.
Bella Coola
Toen we vanochtend de North Bentick Arm invoeren richting Bella Coola vielen er eindelijk wat gaten in de bewolking en zagen we iets meer van de omgeving. Het water waar we doorheen voeren was inmiddels vies bruin geworden en dreef vol met kleine stukken hout en enkele boomstammen.
Om 6.30 uur gingen we aan wal in Bella Coola.

We wilden hier naar de Petroglyphs gaan kijken, maar konden ze aanvankelijk niet vinden. Een wegwijzer stuurde ons bijna letterlijk het bos is. Toen we het vervolgens vroegen aan iemand, hadden we ze snel gevonden. Ook al waren er een aantal door mos en algen overgroeid, het was de moeite waard. We zijn vaker naar dit soort tekeningen en gravures gaan kijken, maar vaak valt het vies tegen.

Onstuimige nacht
Toen we gisteravond net onderweg waren met de Queen of Chilliwack, een niet al te grote veerboot, werd gewaarschuwd voor onstuimig weer en hoge golven. We moesten namelijk een tijdje de open zee op en waren daar volledig onbeschut. Men gaf aan dat we dit als behoorlijk oncomfortabel zouden kunnen ervaren, maar dat de boot dit wel aan kon en ook de bemanning wist hoe ze hier mee om moesten gaan. Overal werden uit voorzorg kotszakjes neergelegd. Maar ondanks dat de boot erger op en neer ging dan we ooit meegemaakt hebben, hebben we goed geslapen in onze slaapzakken (mede dankzij een anti-zeeziekte pilletje). Alleen een beetje hard op de grond zonder matje.

Het plan dat we opgevat hadden om de hele dag op de uitkijk de gaan staan voor wild, op de oever of in zee, moesten we snel laten varen, want het regende de hele dag. Wat op mooie dagen een fantastische tijd op de boot zou kunnen zijn, werd nu een mistroostige, eentonige tocht.
Hierdoor was er wel genoeg tijd om de verhaaltjes van de Nootka Trail te maken voor de weblog.
Bij Klemtu, één van de havenstadjes die aangedaan werd, zijn we even van boord gegaan. We werden van te voren nog gewaarschuwd voor de loslopende honden die aan je hielen zouden kunnen knabbelen en voor beren. De honden zijn we wel tegengekomen, maar ze beten gelukkig niet. Beren hebben we niet gezien.
Het Big House waar we naartoe wandelden was erg mooi beschilderd, maar verder zijn we in de regen niet gekomen.

Toen we wegvoeren, werd nog even geoefend in het aanleggen aan de nieuwe steiger van Klemtu. Blijkbaar heel bijzonder, want veel bemanningsleden kwamen foto's maken van deze gebeurtenis. Het ging in ieder geval veel sneller dan bij de oude aanlegsteiger, want daar had hij ruim een half uur voor nodig.
Het vervolg van de reis naar Bella Coola zaten we nog maar met een man of tien op de boot. Alle andere gasten, vooral natives, waren in de verschillende havens van boord gegaan.
Later op de avond kwam er dan toch nog een levensteken van wild. Inge zag een bultrugwalvis redelijk dichtbij en op grote afstand zagen we zo nu en dan een ademspuit of staart boven water.
We hoorden toen van een bemanningslid dat de walvissen zich met dit mistroostige weer ook maar nauwelijks laten zien.
Ook wist ze ons te vertellen waarom de boot zo rolt vooral van links naar rechts. De boot bleek een platbodem zonder diepe kiel te zijn, die erg gevoelig is voor golven die van opzij tegen de boot rollen.
βEen vrouw moet brede heupen hebbenβ
Op de weg naar Port Hardy kwamen uit bij Kwakiutl Band, een native dorpje. We zochten hier het atelier van een koper kunstenaar, wat we na 2 rondjes door het dorpje uiteindelijk ook vonden, maar dicht was. Later bleek dat er een voetbalwedstrijd was.

Toen we bij het mooi versierde big house stonden te kijken reden er een paar jongeren voorbij die uit hun auto riepen: 'Feel free to check out the canoes. They are awesome.' 50 Meter verderop was iemand namelijk bezig met een kano. Toen we voorzichtig informeerden wat hij aan het doen was, bleek dat hij een 15 jaar niet meer gebruikte 10 meter lange kano aan het repareren was. Volgende week moest de kano klaar zijn voor Aboriginal Day voor de Dragon Race.
Aan het oorspronkelijk ontwerp van de kano schortte het behoorlijk volgens de man, daarom moest hij ingrijpende aanpassingen doen en werd de boot op diverse plekken verstevigd. Het voornaamste euvel was dat deze kano te weinig gelijkenis vertoonde met een vrouw. Ze hoort smalle schouders en brede heupen te hebben. De heupen van deze kano waren niet breed genoeg, maar daar kon hij niets aan veranderen. Hij vroeg ons zelfs om advies of hij bepaalde aanpassingen nu wel of niet moest doen.
Naast deze kano stond er nog een, maar deze was volledig beschilderd met native tekeningen. Heel mooi.

Naast het Big House stond het schoolgebouwtje van het dorp, ook prachtig versierd.
Tegenover het big house lag de begraafplaats. Mooi versierde graven en diverse totems stonden er, maar we vonden het niet gepast hier foto's van te maken. Een gedenkteken was versierd met veren van de zeearend, waar de natives veel ontzag voor hebben. Deze veren mogen door toeristen niet worden meegenomen, zelfs niet als je ze ergens in het bos vind. Wij doen dus net alsof we niet weten waar onze exemplaren van zijn.
In Port Hardy zijn we aan boord gegaan op de boot naar Bella Coola. De boot die vandaag (zaterdag) vertrekt doet via een enorme omweg nog vier havens aan, waardoor de boot er twee keer zo lang over doet als normaal. We zitten nu twee nachten op de boot. Wij zien het als een extra mogelijkheid om wild te zien.
Beren in Knight Inlet
Vroeg op vanochtend, want Marijn moest om 6:45 uur in Telegraph Cove zijn in het Noorden van Vancouver Island voor een Grizzly excursie naar Glendale Cove aan de Knight Inlet. De dames bleven achter in de camper, omdat we ingeschat hadden dat de ruim 2 uur durende stuitertocht over het water (en ook weer terug) teveel zou worden voor Linde en Floor (en Inge).
Nog maar nauwelijks op weg werd de eerste Grizzly (4 jaar oud) al gespot die op de oever stenen aan het omdraaien was in de hoop wat lekkers te vinden.
Snel daarna was het weer raak, maar nu een zwarte beer die hetzelfde aan het doen was.
Aangekomen bij Glendale Cove stapten we over op een platbodem om gemakkelijk en stiller de beren te kunnen benaderen. Inclusief gids/kapitein waren we met z'n tienen. We hadden aanvankelijk wat moeite om de eerste beer in het gebied te vinden, maar toen zagen we dat de gids van een 2e bootje ons wenkte.
Daar aangekomen was een moeder Grizzly met haar drie cubs (2 jaar oud) vers zeegras aan het eten. Op zo'n 25 meter afstand hebben we zeker drie kwartier ademloos gekeken. Daarna zwommen ze een beekje over en gingen verder door het hogere gras. Wat ook leuk was, was dat op de achtergrond nog drie Blacktail Deer aan het grazen waren. Ieder ging hier blijkbaar zijn eigen gang.

Daarna werd koers gezet naar een ander strandje en gelijk was het weer prijs. Nu 2 jonge Grizzly's, broer en zus van 3 jaar oud. Later tijdens de lunchpauze liepen ze nog steeds op het strandje.
Even verderop in een ander baaitje zagen we op een afstand een Grizzly met haar 2 bruin-grijze cubs van 1 jaar oud die heerlijk aan het ravotten waren. Maar toen moeder ons in de gaten kreeg waren ze snel weg.
Maar na de middagpauze had onze gids goed gegokt dat ze het bos door zouden steken en zagen we ze aan de andere kant. We hielden hier wat meer afstand om ze niet te verstoren. Daardoor konden we lang van ze genieten.

Inmiddels was het tijd geworden om weer terug te varen en hadden we geluk dat we wind en golven mee hadden. Het werd aanvankelijk een redelijk relaxte terugtocht. Het laatste half uur echter werd het weer slechter, stak de wind op en doken we met ons kleine bootje steeds dieper de golven in. Maar dat kon de pret niet drukken, Marijn had een prachtige dag gehad.
De damesin Telegraph Cove haddenzich ook prima vermaakt. Na eerst lekker uitgeslapen te hebben op de parkeerplaats, hebben ze op het gemak zitten kijken naar de talrijk rondzoemende kolibries hier. In het walvismuseum herkende Linde onder andere haar op de Nootka Trail gevonden dekplaat van een tussenwerverschijf van een grijze walvis.
Eind van de dag zijn we in de buurt van Port McNeill op de camping gaan staan op slechts 15 meter van de zee met vrij uitzicht. De golven komen hier diagonaal op het strand aan, wat een leuk effect heeft. En ook hier zoemen de kolibries om de camper. Jammer alleen dat het sinds eind van de middag regent.
Op naar Telegraph Cove
Allereerst hebben we groots inkopen gedaan in een Super Store (zo'n mega supermarkt annex warenhuis) in Campbell River en hebben we de benzinetank weer afgevuld. We kunnen er weer een week tegenaan.
Na 6 dagen koken boven het kampvuur vonden we dat we ook zo'n RVS pan met hengsel moesten hebben, net als Lo Camps. We hebben het trucje af kunnen kijken van hem en willen dat vaker gaan doen. Maar na eerst naar Canadian Tire verwezen te zijn (een soort hardware-, kampeer- en bandenzaak) en vervolgens naar River Fisherman Outdoor Store, zaten we nog steeds zonder kampvuurpan. We sturen Lo wel een mailtje.
De rest van de dag stond vooral in het teken van het afleggen van het resterende deel van de kleine 300 kilometer naar Telegraph Cove, waar Marijn morgen een Grizzly excursie wil doen. Eenmaal daar aangekomen waren er gelukkig nog voldoende plaatsen vrij.
Wat ons hier meteen opviel, het is ook onmogelijk ze te negeren, zijn de vele kolibries die hier rondvliegen. Al zoemend vliegen ze razendsnel aan je voorbij. Prachtige vogeltjes zijn het.

Uitwijkmanoeuvres voor moeder en kuiken Grouse
Bij Fields in Gold River hebben Floor en vooral Linde hun Pet Shop verzameling verder uitgebreid. Met 50% korting was dat bijzonder aantrekkelijk. Eind van de dag werd er op de camping volop mee gespeeld en hadden ze en mooie Pet Shop tuin op de kampeertafel gemaakt.

Vandaag hebben we 4 korte wandelingen gemaakt in Strathcona Provincial Park, een mooie tussenstop op de weg van West naar Oost Vancouver Island.
Op de weg langs Buttle Lake, een ca. 30 km lang meer, moesten we remmen en uitwijken voor een Ruffed Grouse kuikentje dat pardoes de weg over rende. Moeder zat links in de berm en had de situatie niet helemaal goed ingeschat. We stopten om even te kijken wat moeder Grouse aan het doen was.
Ze had blijkbaar ook zelf in de gaten dat dit niet handig was en besloot voor haar andere kuikentjes het verkeer te gaan regelen. Ze ging pontificaal midden op de weg staan, kuif omhoog en staartveren uit elkaar. Met wat tussenpozen staken nog meer kuikentjes de weg over. Maar toen kwam een forse zandtruck met aanhanger die de Grouse dreigde te overrijden. Gewaarschuwd door Marijn begon hij luid te claxoneren, maar moeder Grouse gaf geen krimp. Met een enorme slinger ontweek de truck haar maar net, anders had er vanavond kip op het menu gestaan.
Niet echt onder de indruk ging moeder Grouse verder met klaar-overtje spelen. Een camper zag Marijn gebaren en remde gelukkig op tijd. Niet veel later had moeder haar kuikentjes dan toch veilig naar de overkant geloodst.

Op de Karst Creek wandeling stapte Marijn net niet op een mooi slangetje. Hij had het slangetje helemaal niet gezien. Linde zag hem wel en slaakte een gilletje van schrik. Het deerde het beest weinig want hij bleef nog geruime tijd liggen, zodat we hem goed op de foto konden zetten.
Op de Wild Ginger wandeling gingen we natuurlijk op zoek naar de Wild Ginger (wilde Gember). Het was maar goed dat we van te voren hadden opgezocht hoe het plantje en haar bloempje eruit zagen anders hadden we het nooit gevonden. Een onopvallend plantje, maar een prachtig bloempje. Dat bloempje bloeit wel erg laag bij de grond en valt door zijn donkere paars-bruine kleur niet op.
De camping aan het Buttle Lake bood een prachtig uitzicht op de besneeuwde toppen van het park. We hebben in het meer de modder en het zout van onze regenbroeken en gamaschen gespoeld. We zijn nog niet toegekomen aan de rest van de was na ons Nootka Trail avontuur en in de camper ruikt het dan ook nog steeds naar de rook van het kampvuur.